Constant meelezen of controleren werkt averechts – je kind gaat zich dan eerder afschermen. Beter is om regelmatig het gesprek aan te gaan. Toon interesse, vraag hoe het gaat, en maak duidelijk dat je kind altijd bij je terecht kan als er iets vervelends gebeurt. Vertrouwen werkt beter dan controle, mits je betrokken blijft.